Dankbaarheid heeft vaak te maken met verbondenheid met andere mensen. Dit raakt aan de kern van ons menszijn. Spontaan houden mensen van zelfstandigheid. We willen onze eigen boontjes kunnen doppen, liever dan afhankelijk te zijn van anderen. Als we echter eerlijk zijn met onszelf, dan stellen we vast dat we niet voldoende hebben aan onszelf. We hebben, willens nillens, medemensen nodig om gelukkig te zijn.
Vaak is deze ervaring van verbondenheid en afhankelijkheid sterker ontwikkeld bij eenvoudige en bescheiden mensen. Die hebben er vaak minder problemen mee om toe te geven dat er van alles is dat ze niet hebben of kunnen. Meer nog, dat ze kwetsbaar en gekwetst zijn, ver van volmaakt. Dit kan de weg effenen naar een grotere openheid naar andere mensen. Het versterkt de onderlinge verbondenheid. Ontvangen van een ander wordt makkelijker. Net als geven trouwens. De uitgestoken hand is dan geen uiting van persoonlijk falen. Samen wordt dan synoniem van verbondenheid, van gedeelde vreugde en steeds opnieuw reden tot dankbaarheid.
Nikolaas Sintobin sj


























