140, In alles meteen het goede opmerken, het voorrecht van de juiste instelling. De bij vliegt rechtstreeks naar het zoete om de honingraat te vullen, zoals de adder afgaat op het bittere voor het gif. Zo is het ook met de instelling van mensen: sommigen worden aangetrokken tot het slechte, anderen tot het goede. Er bestaat niets, waarin niet iets goeds is aan te treffen, vooral als het om een boek gaat, dat het resultaat van nadenken is.
Sommige mensen hebben zo’n onhebbelijke instelling dat zij onder duizend volkomenheden meteen het enige gebrek vinden, dat zij veroordelen en aandikken: zij zijn vuilnisverzamelaars, die de afval van andermans geestesprodukten vergaren, en lopen met zakken vol kritiek en fouten, wat eerder een straf voor hun verkeerd onderscheidingsvermogen is dan het loon van hun scherpzinnigheid. Zij leiden een triest leven, omdat zij op bitterheid teren en gebreken hun dagelijkse kost zijn.
Veel gelukkiger is het lot van anderen die onder duizend tekortkomingen de enige verdienste opmerken die er toevallig in schuilt.
Baltasar Gracián sj


























