Paradox nr 3 (b): Persoonlijke ervaring is fundamenteel voor geloof ó geloof is ruimer dan eigen ervaring.
b. Mijn eigen geloof is maar een fractie van het geloof. Het geloof van de Kerk, is, gelukkig maar, veel ruimer dan mijn ervaring.
Talrijke generaties zijn ons vooraf gegaan; en vandaag de dag telt de katholieke Kerk alleen al zo’n 1,3 miljard mensen, verspreid over de gehele wereld. Ik mag mij, in geloof, overgeven en toevertrouwen aan het geloof van de Kerk. Vandaag zal mijn geloof een steunpunt zijn voor het zoeken en aarzelen van een ander, en morgen zal het omgekeerd zijn.
Ook dit kan bevrijdend zijn. Het bevrijdt van de “must” van de persoonlijke ervaring : ik zou maar kunnen geloven wat ikzelf heb ervaren. Het voorbeeld van die gevangene (zie vorige bijdrage) is daar een extreme illustratie van. Het geloof van die zuster doet hem verlangen naar het geloof dat hijzelf eigenlijk nog niet echt heeft. Maar dat neemt niet weg dat dat verlangen perfect authentiek kan zijn en het begin kan zijn van een rijk en oprecht geloofsleven. Cf : het eigen (beperkte) geloof of gewoon maar verlangen naar geloof, als toegangspoort tot de ruime zee van het geloof van de Kerk-gemeenschap.
Denk ook aan de geloofsbelijdenis. Kan ik die niet oprecht bidden als ik niet alles begrijp of zelf weerstand voel t.a.v. het een of het ander? Kan ik oprecht zijn met mezelf, pleeg ik geen verraad aan mijn verlangen naar authenticiteit als ik die vreemde dingen uitspreek zonder ze goed te begrijpen? Neen, het gaat over de volheid van het geloof waarnaar ik enkel kan streven en verlangen. Het is een uitnodiging, een horizon waarnaar ik kan uitkijken en verlangen die ik misschien ooit zal bereiken, maar waarschijnlijk niet. Nikolaas Sintobin sj
Geloven, in paradoxen – deel 1/7
Geloven, in paradoxen – deel 2/7
Geloven, in paradoxen – deel 3/7
Geloven, in paradoxen – deel 4/7
Geloven in paradoxen – deel 5/7


























