In zijn/haar soms hevige of emotionele reacties zal ik naar de pijn moeten luisteren die ik hem/haar aandeed. Dat maakt me bang.
Daarom bouw ik drogredenen op om die stap niet te moeten zetten. ‘Zwijgen we er niet beter over? We gaan de wonde terug openreten. De gevolgen gaan nog erger zijn. Zoiets laat je best slijten. We gaan nu niet flauw doen. We moeten daaroverheen kunnen en elkaar kunnen verdragen.’ Of ik ver-ont-schuldig mij. ‘Excuseer mij, maar ik heb in een file gezeten’; ‘ik ben nu eenmaal zo’. D.w.z. ik steek de verantwoordelijkheid op iets dat buiten mij ligt of waarover ik geen macht heb. Ik zoek mezelf wit te wassen maar breng geen aandacht op voor wat bij de andere gebeurd is. Ik zet enkel de stap die nodig is opdat de relatie verder kan functioneren.
Een andere strategie om niet terug beroep te moeten doen op de relatie is mijn schuldgevoelens naar mezelf toehalen, en blijven steken in mijn geschonden zelfbeeld : “hoe kon ik zoiets doen?”
Een anonieme jezuïet


























