Hij wil zien. Hij wil met zijn vingers de gaten in de handen van Jezus voelen en zijn hand in de opening in zijn zijde leggen. Hoe reageert Jezus hierop? Met geduld: Jezus laat Thomas met zijn koppig ongeloof niet vallen. Hij geeft hem een week tijd. Hij doet de deur niet dicht. Hij wacht.
Thomas leert zijn armoede kennen, zijn klein geloof: ‘Mijn Heer en mijn God!’ Met deze eenvoudige, maar diep gelovige aanroeping antwoordt hij op Jezus’ geduld. Hij gaat helemaal op in Jezus’ mededogen. Hij ziet het vóór zijn ogen in de wonden van Christus’ handen en voeten en in de open zijde, en krijgt vertrouwen. Hij is een nieuwe man, niet langer een ongelovige, maar een gelovige.
Denken wij ook aan de twee leerlingen op weg naar Emmaüs. Aan hun sombere gezichten. Aan hun nutteloze reis en hun ontgoocheling. Maar Jezus laat hen niet vallen. Hij loopt naast hen mee. En niet alleen dat! Geduldig legt Hij hen de Schrift uit, hoe die over hem sprak, en blijft bij hen het avondmaal gebruiken. Dit is Gods manier van doen. Hij is niet ongeduldig, zoals wij die dikwijls alles ineens wensen… Broeders en zusters, laten we nooit ons vertrouwen in Gods geduld en mededogen verliezen. Paus Franciscus


























