Ik droom van een school waarin de volgende punten aandacht krijgen. Opvoeden schept een relatie tussen opvoeder en opvoedeling. Gezag speelt een beslissende rol : het moet uitgeoefend worden en aanvaard. Welk gezag ? Laat het berusten, niet op dwang, met een getarifeerd strafsysteem, maar op wederzijdse hoogachting en vertrouwen. Het spreekt vanzelf dat de kwaliteit van gezag in de eerste plaats bepaald wordt door de ingesteldheid en het optreden van de opvoeder.
Een eerste vereiste daarvoor is geduld. Mijn oud-principaal (collegedirecteur), een eenvoudig en wijs man én briljante opvoeder naar wie iedereen opkeek met een warm-genegen ontzag, heb ik eens horen zeggen : « Wij opvoeders verschieten vaak ons kruit (in zijn sappig West-Vlaams : Wieder verskieten uus poer) waar dat niet hoeft en niets helpt. We hebben geen geduld genoeg en willen zelf alles op staande voet oplossen, ook datgene wat de natuur, als wij haar laten betijen, in orde brengt. Maar ze neemt daar haar tijd voor ».

























