1. Dank u
Eerst je herinneren wat in de voorbije dag reden is om te danken, hoe klein of onbenullig ook. Je bewust worden van datgene dat leven, vreugde, rust, volheid … heeft gebracht. Het gaat hier over sporen van leven. In de mate dat je je er bewust van wordt dat een ervaring, persoon, gewoonte … je doet groeien in je menszijn zal je er ook voor kunnen kiezen om dat soort ervaringen meer plaats toe te kennen in je leven.
Deze eerste fase is de belangrijkste. Danken betekent immers dat je je heel uitdrukkelijk gaat plaatsen in verbondenheid met Diegene waarvan je gelooft dat Hij het leven geeft. In het Frans spreekt men van “rendre grâce” : het suggereert dat je iets teruggeeft van een genade die je voordien gekregen hebt. Biddend danken is erkennen dat je niet zelf aan de oorsprong ligt van je bestaan. Maar dat dit je voortdurend zo maar wordt aangeboden. Hoe meer je kan danken, hoe meer je elk ogenblik van de dag kan beleven als een uitnodiging om dichter te komen bij God.
Indien je weinig tijd hebt kan je je beperken tot het danken.


























