De franciscaan viel ter aarde met zijn gezicht naar de grond, overmand door ontzag bij het zien van God die geboren wordt in zo’n armoede.
De dominicaan viel op zijn knieën, in aanbidding voor deze prachtige voorstelling van de Drieëenheid en de Heilige Familie.
De jezuïet ging naar Jozef toe, legde zijn arm om zijn schouder en zei: “Zeg, hebben jullie er al over nagedacht naar welke school jullie de jongen zullen sturen?”


























