Dikwijls besloot Ignatius zijn brieven naar jezuïeten die naar de missies vertrokken met de uitdrukking ite, inflammate omnia – ‘ga, steek de wereld in brand.’ Wat bedoelde hij daarmee? Misschien was het alleen maar een ‘vooruit, vooruit’ kreet, iets zoals de coach van een voetbalteam roept, als hij zijn mannen het veld opstuurt om doelpunten te scoren. Maar dit was het niet, meen ik. Ik denk niet dat Ignatius’ karakter trekken van een cheerleader had. Hij was een ernstig man die zijn woorden zorgvuldig koos.
‘Steek de wereld in brand’ is wel een vreemde uitdrukking. Vuur vernietigt. De wereld staat al in brand van haat, wrok, hebzucht, wellust, en van zoveel andere passies die individuen en hele gemeenschappen stukmaken. Maar vuur zuivert ook. In de bijbel branden de vlammen het onkruid weg, en het vuur van de goudsmid zuivert het goud. Er zijn ook de tongen van vuur die op Pinksterdag over de apostelen neerdaalden en hen de kracht van de Heilige Geest schonken.
Ik denk dat Ignatius dit beeld in zijn hoofd had, als hij zijn jezuïeten zei de wereld in brand te steken. Hij verlangde dat iedereen zou branden van passie en ijver voor het Koninkrijk Gods.
Jim Manney


























