Crisis als spirituele grondhouding
Eerst iets over een opmerking die Ignatius maakt bij het begin van de Geestelijke Oefeningen.
Zesde aantekening. Wanneer wie de oefeningen geeft voelt dat er zich geen innerlijke bewegingen, als vertroosting of troosteloosheid, voordoen bij wie de oefeningen doet en dat deze niet door verschillende geesten wordt bewogen, dan moet hij hem uitdrukkelijk ondervragen over de oefeningen: of hij ze op de vastgestelde tijden doet en hoe, en of hij de toelichtingen zorgvuldig in praktijk brengt. (G.O. nr 6)
Ignatius heeft de beide voeten op de grond. Hij waarschuwt tegen een veelvoorkomende misvatting over het christelijk leven. De normale toestand van de christen is niet die van een onverstoorbare rust. Wie steeds in de hemel lijkt te vertoeven zou wel eens letterlijk niet van deze wereld kunnen zijn. Anders gezegd, de regelmatige afwisseling van vreugde en droefheid zijn niet zozeer aanwijzing van een probleem, dan wel teken van geestelijke gezondheid. Nog anders gezegd, crisis – althans begrepen als regelmatig heen en weer bewogen worden op het niveau van de innerlijkheid – is eerder regel dan uitzondering voor de christen. Preciezer, het is de basisvoorwaarde om te kunnen onderscheiden en om, door het maken van keuzes, te groeien in de navolging van Christus.
Nikolaas Sintobin sj


























