Ignatius geeft nog een andere richtlijn voor als je het zwaar te verduren krijgt. Dan kan het namelijk bevrijdend zijn om in gesprek te gaan met een vertrouwenspersoon.
Dertiende richtlijn. … De vijand van de menselijke natuur wil en verlangt dat de listen en de overredingskunst waarmee hij een rechtvaardige ziel benadert, in het verborgene aanvaard en gehouden worden. Maar wanneer deze ze bekend maakt aan haar goede biechtvader of aan een ander geestelijk iemand die zijn listen en gemeenheden kent, valt hem dat zeer zwaar. Want hij komt dan tot de conclusie dat hij met de gemeenheid waaraan hij begonnen is niet verder kan gaan, nu zijn onmiskenbare listen bekend zijn gemaakt. (G.O. 326)
De vijand, zo stelt Ignatius, verkiest om in het verborgene tewerk te gaan. Als het je niet goed gaat kan het verleidelijk zijn ervoor te kiezen je innerlijke strijd helemaal voor jezelf te houden. Uit schaamte, omdat je denkt dat er toch niets aan te doen is, omdat je er een ander niet wil mee belasten enz. Die moeilijke gedachten gaan dan vaak een leven op zich gaan leiden, sterker worden en dimensies aannemen die totaal buiten proportie zijn. Het eenvoudig toevertrouwen van wat zich in je afspeelt aan een betrouwbare persoon volstaat vaak om die negatieve spiraal te stoppen en het probleem tot zijn ware omvang te herleiden. Nikolaas Sintobin sj


























