Ik gebruik, zowat elk moment helaas, de taal van het conflict. Die blijft gewoonlijk stokstijf staan bij uiterlijkheden die me storen. Ik reduceer anderen tot hun buitenkant, tot een geestelijke aandoening, tot een stoornis. Ik weet het wel, woorden hebben gevolgen: elke slachting start met het gepreek van de deugdzame die anderen vonnist.
De taal van de liefde zwenkt mijn aandacht resoluut naar ieders binnenkant; naar wat er gaande is in mezelf en in de ander. Ik sta stil en luister naar wat ons bezielt: onze zorgen en vreugden, hoop en verdriet. Ik ontdek dat we uiteindelijk allemaal naar hetzelfde verlangen: wat warmte, een troostend woord, een geschenkje, bijstand, verzorging, wat onverdeelde aandacht, een knuffel, bescherming, respect… De taal van de liefde is zoveel vindingrijker.
Ik beschouw mezelf als een hulpeloze zuigeling voor God.
Van Hem alleen verwacht ik voldoening. Zo ontdek ik in mezelf wat ik nodig heb. Allemaal dingen die elke mens behoeft.
De mens die zo aan de deur klopt wordt opengedaan.
Ik bid met de paus om de vrede die de wereld niet geven kan.
————————————————————————————
Bovenstaande tekst is een commentaar van Ludwig Van Heucke sj op de gebedsintentie van paus Franciscus voor de maand november 2018:
“Dat de taal van liefde en dialoog altijd luider mag klinken dan de taal van conflict.”


























